Opinie: moet de bestuurder weten welke rijtaakondersteunende systemen zijn auto heeft?

06-11-17

Rijtaakondersteunende systemen worden nog maar weinig gebruikt, blijkt uit recent onderzoek onder 1.355 zakelijk rijders. Terwijl automobilisten veel veiliger kunnen rijden als ze de systemen benutten. Onderzoeker en verkeerspsycholoog Ilse Harms: “De ondervraagde automobilisten weten vaak niet met welke technologie hun auto is uitgerust, hebben de technologie niet bewust aangeschaft of hebben onvoldoende instructies gehad.” Smart Mobility Stories vroeg een zakelijke rijder, een beheerder van leasevloten en een leverancier te reageren op de stelling:

Het is de verantwoordelijkheid van de bestuurder zelf om te weten welke rijtaakondersteunende systemen er in zijn auto zitten.

Dit artikel is onderdeel van Smart Mobility Stories #8. Klik hier voor meer informatie over Smart Mobility Stories.

De zakelijke rijder
Rob Pander Maat is director New Business Development/Technology bij Bosch Rexroth, leverancier van aandrijftechnieken voor de machine- en installatiebouw. Bosch Rexroth is onderdeel van het internationale technologieconcern Bosch. ‘Er is maar één iemand verantwoordelijk voor wat er met zijn auto gebeurt. En dat is de bestuurder zelf. Dit betekent wat mij betreft dat de bestuurder zich goed op de hoogte moet stellen van de (on)mogelijkheden van zijn auto. Het is natuurlijk wel jammer dat bestuurders systemen niet gebruiken, omdat ze niet weten dat ze in de auto zitten of hoe ze ze moeten gebruiken.’

‘Advanced Driver Assistance Systems (ADAS) moeten zó werken, dat ze voor jou het werk doen. Dat mensen er vanzelf goed mee omgaan en niet of nauwelijks merken dat ze worden ondersteund. Een goed voorbeeld is het dodehoekwaarschuwingssysteem. Als je in je spiegel een rood lampje ziet branden, weet je dat er iemand links- of rechtsachter in je dode hoek zit. Dat hoef je mensen niet uit te leggen. Maar systemen doen nog niet altijd automatisch het werk voor jou. Zo reed ik laatst in het donker met heel slecht weer op een klein weggetje in Duitsland. Ik wist dat de auto waarmee we onderweg waren met een nachtzichtsysteem met warmtebeeldcamera’s was uitgerust, bedoeld om in slechte weersomstandigheden te waarschuwen voor voetgangers en dieren. Maar ik wist niet hoe ik die in het donker moest bedienen. Helemaal anders wordt het straks bij auto’s die autonoom rijden. Ja, dan is kennis van ADAS natuurlijk een vereiste.’

‘Overigens ben ik ervan overtuigd dat alle ADAS die op dit moment worden ontwikkeld het verkeer significant veiliger zullen maken. Wat mij betreft geldt zelfs: hoe meer zelfrijdende auto’s, hoe veiliger het verkeer. In vergelijking met mensen kunnen computers namelijk veel beter diverse situaties tegelijk inschatten, zonder te worden beïnvloed door emoties.’



De beheerder van leasevloten
Ernst Hugo Meijer is schadebehandelaar bij Care4Lease. Dit bedrijf voert het beheer uit van leasevloten voor (dealer)leasemaatschappijen.

‘Als je een auto koopt of tot je beschikking krijgt, zou je eigenlijk moeten weten welke ADAS erin zitten. Maar de vraag is of je dat van alle automobilisten mag verwachten. Een leaserijder kijkt vooral naar welke auto hij mag rijden, welke auto het beste bij hem past en welke auto financieel het aantrekkelijkst is. Hij maakt eerder een financiële keuze dan een keuze voor veiligheid of de nieuwste technieken. Ook is het maar de vraag of je een automobilist ertoe kunt verplichten kennis te hebben van ADAS. Dat zou dan eigenlijk alleen maar mogelijk zijn als je hem daarover goed informeert. Daar ligt een taak voor de leverancier, bijvoorbeeld de dealer. Maar ook voor een leasemaatschappij. Die is immers leverancier van mobiliteit en moet goed uitleggen hoe je de beschikbare mobiliteit ten volle kunt benutten. Voor leasemaatschappijen speelt er bovendien nog een ander belang, namelijk het beheren van de schadelast. ADAS kunnen daar enorm bij helpen, en daar heeft de klant profijt van. Want een dalende schadelast zorgt voor een lager leasetarief, omdat de verzekeringspremie minder wordt. Als laatste zie ik een belangrijke rol weggelegd voor rijscholen. Leerlingen moeten nu al kunnen rijden met navigatiesystemen, ADAS nemen steeds meer rijtaken van de bestuurder over. In de toekomst kan een auto autonoom rijden. Dat vraagt om een andere manier van autorijden, wat gevolgen heeft voor de rijopleiding.’

De leverancier
Ruben Kragten is Global Sales and Project Manager bij V-tron. Dit bedrijf levert in-car systemen op het gebied van fleetmanagement, carsharing, driver behaviour en ongeval preventie systemen.

‘Ik ben het met de stelling eens dat een bestuurder moet weten welke systemen er in zijn voertuig zitten. Maar een nuancering is op zijn plaats. Want een bestuurder is steeds minder vaak eigenaar van de auto en steeds vaker uitsluitend gebruiker. Dat is op zich al een reden om ervoor te zorgen dat auto’s volledig zijn uitgerust met alle mogelijke technologie om inzittenden veilig van A naar B te vervoeren. Daarom moet je de stelling breder maken. Want deze discussie speelt zich op een hoger niveau af. Een deel van de verantwoordelijkheid om de bestuurder te informeren ligt bij de leverancier, bij de leasemaatschappij, bij de werkgever. Dit is een belangrijke verantwoordelijkheid. Want ik geloof heilig in het gebruik van rijtaakondersteunende systemen. Maar ook de overheid heeft, gelet op de mogelijkheden van smart mobility-toepassingen voor meer veiligheid, betere doorstroming en minder uitstoot, een taak om het gebruik ervan te stimuleren.’

‘Zelf ben ik er een voorstander van bestuurders uitnodigen om een dagje op een testcircuit met dit soort systemen te komen oefenen. Ze leren dan welke systemen er in een auto zitten en ervaren hoe die systemen werken als je ze echt nodig hebt. Verder proberen we rijschoolhouders te betrekken. Zo hebben we een paar jaar geleden samen met een grote rijschoolhouder een proef gedaan met mobileye-technologie. Slimme camera’s in een rijschoolauto fungeerden als extra hulpmiddel om de beginnende bestuurder te ondersteunen veilig door het verkeer heen te navigeren. Gezien alle ontwikkelingen is het van essentieel belang om hen op deze manier te laten kennismaken met de mogelijkheden van ADAS-technologie.’